Als er meer dan één access point aanwezig is, is het wenselijk dat mobiele apparatuur overschakelt naar het dichtstbijzijnde access point. Dit heet roaming. Echter, dit is minder vanzelfsprekend als het lijkt. Zomaar een access point ‘erbij prikken’ zorgt er absoluut niet voor dat roaming mogelijk is.

Geen roaming

Zonder roaming functioneren access points volledig op zichzelf. Dit is bijvoorbeeld het geval wanneer u een extra access point toevoegt aan uw router van de internet provider. De WiFi netwerken hebben in dit geval ook een andere SSID, of te wel de naam waaronder ze te vinden zijn. Overschakelen duurt erg lang, de telefoon zal vaak zo lang mogelijk de verbinding proberen vast te houden, zelfs als er eigenlijk al geen signaal is.

Soms raad men aan om de access points in dit geval dezelfde SSID te geven – echter dit is absoluut niet goed en zal alleen maar tot een instabiele verbinding leiden.

Roaming

In het geval van fast roaming zijn de access points wél met elkaar verbonden en ‘op de hoogte’ van elkaars aanwezigheid. Het herverbinden duurt nu minder lang dan bij basic roaming; slechts enkele milliseconden. Onder andere de Ubiquiti Unifi access points maken gebruik van fast roaming.